Zuiver kijken
In het voorjaar bezocht ik samen met July Ligtenberg de tentoonstellingsplek Argument in Tilburg. Suzanne van Rest was daar bezig een enorme berg te maken van landbouwplastic. Ze verbleef dag en nacht in de ruimte waar een fantasie bezig was werkelijkheid te worden. Een geheel objectieve werkelijkheid was dat natuurlijk niet. Ik keek net als alle bezoekers die de weken daarna langskwamen met mijn eigen ‘bagage’. Zo vond ik de titel ‘into thin air’ nogal nadrukkelijk verwijzen naar de bestseller van Jon Krakauer, over de waargebeurde ramp op de Mount Everest waarbij vele doden waren gevallen in 1996. Daarom was mijn blik gekleurd en kon ik niet anders dan de berg zien als de Everest, waar ieder moment kleine poppetjes naar beneden konden konden slieren. Deze door persoonlijke inzichten ingegeven perceptie is precies waar de kunstenaar het over wil hebben. Ze zegt hierover:
‘Mijn werk gaat over de complexiteit van onze perceptie. Waar ons brein de beelden, geregistreerd door de retina (een stukje lichtgevoelig tissue binnen in het oog, red) mixt met allerlei soorten van mentale en emotionele bagage. Het schijnt zo te zijn dat de hoofdfunctie van perceptie is om ons te beschermen om niet over alles te hoeven nadenken. Onze hersenen produceren allerlei trucjes en shortcuts om ervoor te zorgen dat we op een effectieve manier de dag doorkomen zonder te veel energie te verspillen. Deze trucjes en shortcuts kunnen echter zorgen voor een vertroebeld beeld en eventueel leiden tot dubieuze keuzes. Ik ben geïnteresseerd in deze trucjes en shortcuts. Meer specifiek ben ik geïnteresseerd hoe deze cognitieve shortcuts onze manier hoe we de wereld om ons heen waarnemen beïnvloeden. Maar de nadruk binnen mijn werk ligt op de conditie waar we, ook al is het maar voor een paar seconden, los zijn van onze mentale en emotionele bagage en de tijd nemen om te kijken of zien wat er echt voor ons is en niet wat we verwachten of denken te zien.’
In het geval van de berg was het landbouwplastic, maar heel vaak gebruikt ze papier. Er is de grote wolk van gekleurde reepjes papier waaruit rondjes zijn geperforeerd. Die liggen onder de wolk, als een stil bewijs van de feestelijkheid die boven aan de gang was. Nu is er een werk dat een stapel A4 papier is, waar precies in het midden een diamant is uitgesneden, in perspectief. Wanneer je alle papieren op elkaar legt, zie je niets, dan is de diamant verstopt binnen in.
Is het materiaal waar het werk van gemaakt is belangrijk?
Ik zoek dat materiaal wat het beste bij het idee past, maar dit komt heel nauw. De kleur van het materiaal, de uitstraling van de zwaarte of juist lichtheid is erg belangrijk. Ook hierin speel ik met de verwachting van mensen. Ze denken te weten wat iets is, bijvoorbeeld ballonnen, alleen zijn deze bij een tweede blik opgeblazen plastic zakjes. Of is een theedoek die nonchalant aan de muur hangt niet van stof maar van hout en is het patroon er met een rode marker opgetekend. Ook het werk little bits of yesterday speelt hiermee; waar de kartonnen doos van hout is en de pallet juist van karton.
Het atelier is tijdens een werkperiode een intensief laboratorium waarin driftig wordt geëxperimenteerd met materiaal.’
‘Ik ben erg geïnteresseerd in onze perceptie en de mogelijkheid van een staat waarbij we even los zijn van onze mentale en emotionele bagage die onze perceptie meeneemt als het naar de wereld om ons heen kijkt. Sociale en cognitieve psychologie zijn dan ook interessegebieden voor mij. Ik lees graag over de experimenten uit deze gebieden en hun uitkomsten. Ook de manier van experimenteren heeft mijn belangstelling, neem bijvoorbeeld het gebruik van priming, waarbij de toeschouwer op voorhand zonder zich hier bewust van te zijn al een bepaalde denkrichting wordt geduwd. Iets wat ik in de toekomst misschien op een of andere manier wil toepassen.’
Wat ben je nu aan het doen? Wat wordt je volgende project?
‘Ik probeer situaties of werken te creëren waarbij de toeschouwer zich opnieuw moet verhouden tot wat hij of zij denkt of verwacht te zien en wat er werkelijk is. Hierbij maak ik gebruik van bekende voorwerpen uit ons dagelijks leven. Dit omdat vertrouwde voorwerpen of situaties ook onze perceptie vertroebelen. Het is gemakkelijk om al te denken dat je weet wat je ziet omdat je dit herkent van iets wat je al een keer gezien of meegemaakt hebt. Op het eerste gezicht moeten deze werken dan ook overkomen als iets bekends, maar dan begint er toch iets te wringen, Je kijkt beter en ziet dat de dingen niet zijn of niet geheel zijn wat je verwacht had. Ik probeer een fluctuatie in hun betekenis te weeg te brengen waardoor de kijker voor een paar seconden uit zijn automatisch denken wordt getrokken en bekijkt wat er werkelijk is. Ik denk dat dat is wat ik uiteindelijk wil bereiken met mijn werk.’
Opnieuw kijken, en niets dan dat.
Inge Pollet